Het menselijk lichaam huisvest ongeveer tien biljoen bacteriën, die zich voornamelijk in het maag-darmkanaal bevinden. De darmbacteriën leven in symbiose met het menselijk lichaam en zijn van groot belang voor onze gezondheid. De afgelopen decennia nam het onderzoek naar de menselijk darmflora aanzienlijk toe, waarbij het zich voornamelijk richtte op de flora in de dikke darm en stoelgang. Deze focus is begrijpelijk aangezien de meeste bacteriële activiteit plaatsvindt in de dikke darm en stoelgang eenvoudig beschikbaar is. Daarnaast is de afname van stoelgang niet-invasief en weerspiegelt stoelgang de bacteriële samenstelling van de dikke darm. Stoelgangonderzoek geeft echter geen goed beeld van de bacteriële samenstelling in de verschillende delen van het maag-darmkanaal. Het onderzoek naar de dunne darmflora is een grotere uitdaging, het vereist invasieve en technologisch geavanceerde methodes. Omwille van deze beperkingen is de kennis over de dunne darmflora samenstelling, functionaliteit en dynamiek nog steeds beperkt. Niettemin tonen studies aan dat dunne darmbacteriën zeer dynamisch en persoonsafhankelijk zijn, en steeds vaker worden ze erkend als belangrijke spelers in onze gezondheid. In vitro maag-darm modellen zijn een veelbelovende manier om de kennis over de dunne darmflora te vergroten. In vitro modellen bootsen de fysiologische omstandigheden na en kunnen zo onder gecontroleerde omstandigheden de darmflora bestuderen. Er werden al verschillende succesvolle modellen voor de dikke darmflora ontwikkeld, maar momenteel bestaan er slechts weinig modellen voor de dunne darmflora. De huidige dunne darm modellen bieden belangrijke inzichten, maar geven vaak geen volledig beeld van de bacteriële complexiteit in de dunne darm, mede omdat ze gebruikmaken van labo gekweekte bacteriële flora, stoelgang of ileostoma vloeistof als inoculum. Labo gekweekte bacteriële flora verminderen weliswaar de complexiteit en vergroten de reproduceerbaarheid van een model, maar zijn niet geschikt voor het bestuderen van geïndividualiseerde darmflora. Stoelgang en ileostoma vloeistof zijn wel inzetbaar voor geïndividualiseerde darmflora-studies, maar de resulterende in vitro dunne darmflora mist vaak bacteriën, zoals Streptococcus, die typisch in de menselijke dunne darm aangetroffen worden. Om een representatievere dunne darmflora in vitro te verkrijgen wordt het gebruik van de mondflora gesuggereerd. Een deel van de mondflora komt namelijk overeen met de dunne darmflora, en speelt door het voortdurend inslikken van speeksel een belangrijke rol in het vormen van de dunne darmflora. Het nabootsen van deze mond naar darm bacteriële transfer zou kunnen leiden tot een meer betrouwbare weergave van de dunne darmflora in vitro. Dit doctoraatsonderzoek onderzocht de effectiviteit van de mond naar darm bacteriële transfer om de dunne darmbacteriën in vitro na te bootsen. Het uiteindelijke doel was om het reeds wijdverspreide maag-darm in vitro model ‘Simulator of the Human Intestinal Microbial Ecosystem’ (M-SHIME) aan te passen om zo de donor specifieke dunne darmflora nauwkeuriger na te bootsen in vitro. Met behulp van dit doctoraatonderzoek en potentiële toekomstige verbeteringen belooft het SI-M-SHIME model de kennis over de bacteriële samenstelling en functionaliteit langs het maag-darmkanaal te vergroten op een niet invasieve manier. Daarbij kan het bijdragen aan de ontwikkeling van therapeutische toepassingen en de menselijke darmgezondheid verbeteren.
Karen Delbaere (Thu,) studied this question.