In het natuurbeschermingsrecht is de ‘gunstige staat van instandhouding’ een centraal criterium. Drie recente uitspraken van het Hof van Justitie van de EU over wolvenbeheer bieden meer duidelijkheid over twee vragen van groot praktisch belang: op welk(e) niveau(s), en aan de hand van welke criteria, dient de staat van instandhouding van soorten te worden bepaald?
A. Trouwborst (Wed,) studied this question.